Vrienden van het Korps LO&Sport
 
KRITIEKE TAKEN, DEEL I, KLIMMEN & KLAUTEREN
Door Maarten Groot


Tijdens het schrijven van dit stuk gaat de oorlog in Oekraïne het 5e jaar in. Sinds de start van deze oorlog richt de Nederlandse krijgsmacht zich meer op het kunnen uitvoeren van Hoofdtaak 1, bescherming van het eigen en bondgenootschappelijk grondgebied, inclusief de Caribische delen van het Koninkrijk.
Hiervoor vraagt de NAVO structureel een grotere personele en materiele bijdrage van Nederland. Dit betekent dat er de komende jaren meer mensen moeten worden opgeleid en getraind, vaak ook in een kortere periode.

Eerder schreef Oscar Prins op deze website al over een van de kerntaken van landmacht militairen: Het bedienen van een handgranaat ter verdediging en/of aanval. En vulde Raimond van der Boom over het onderwerp 'Periodiseren' aan met: Van Olympia tot Oekraïne, de evolutie van fysieke voorbereiding.
Met dit artikel wil ik graag uitzoomen en bekijken wat er vanuit de wetenschap bekend is over de fysieke eisen van militaire taken. Daarna zal er naar de militaire geschiedenis van het lopen met bepakking worden gekeken. Om aansluitend de achterliggende fysiologie en prestatie bepalende factoren te bespreken en te eindigen met het evalueren van mars vaardigheid. Met deze achtergrond kennis kan dan worden bezien welke factoren van belang zijn om te kunnen presteren in militaire operaties.

Kritieke taken
Een Amerikaanse onderzoeksgroep heeft verschillende kenniscentra, focus groepen en ervaren militairen gevraagd een lijst op te stellen met taken of werkzaamheden die zij als fysiek belastend ervaarden.
Onderstaande afbeeldingen zijn voorbeelden van kritieke en belastende taken die door twee of meer personen moeten worden uitgevoerd.

Afbeelding 1, links het dragen van een 120 mm mortier; rechts het verplaatsen van een .50.


Afbeelding 2, links het tillen van een systeem om mijnen te leggen, rechts het tillen van onderdelen van een bailey brug.


Naast de taken die met meerdere personen worden uitgevoerd zijn er ook kritieke taken onderkend die door één persoon worden uitgevoerd.

Deze taken zijn:
1. Tactische verplaatsing te voet
2. Inrichten verdedigende positie (zandzakken plaatsen)
3. Verplaatsen van een gewonde
4. Een gewonde uit een (pantser) voertuig tillen
5. Vuur en beweging

Voor een aantal wapens of dienstvakken kwamen daar onderstaande aanvullingen nog bij:
6. Plaatsen van geschut munitie (tank en houwitser)
7. Laden van hoofdbewapening (tank en houwitser)
8. Overslag munitie (bevoorrading, tank en houwitser)

De NAVO-werkgroep Optimizing Operational Physical Fitness onderkende ook de taak ‘graven’ als een veel voorkomende fysiek belastende taak.

Een Nederlandse werkgroep die zich bezighield met het inrichten van de medische keuring kwam naast bovenstaande taken ook nog op ‘klimmen en klauteren’ als kritieke taak. Hierbij gaat het om beklimmen van ladders, maar ook het nemen van natuurlijke hindernissen (bijvoorbeeld sloot), in en uit huizen klimmen en verplaatsen door een oord.

In deze serie van 4 artikelen is verder per kritieke taak gekeken naar de geschiedenis van een taak en wat dan de onderliggende prestatie bepalende factoren zijn.

Klimmen en klauteren
De Grieken en Romeinen onderkenden al het belang van het nemen van natuurlijke hindernissen zoals greppels, sloten, heuvels, etc. voor militairen en besteedde daar in hun training dus ook al tijd aan. (1)
Door de introductie van vuurwapens op grote schaal tijdens de Eerste Wereldoorlog werd duidelijk dat deze veel meer een beslissende rol speelden in de overwinning op het slagveld dan de man tot man gevechten met zwaard en bajonet. De massale inzet van artillerie dwong de legers de loopgraven in. Hierdoor startte elke aanval door het met, of zonder, ladder uit de loopgraven klimmen. Vervolgens moesten de soldaten door niemandsland over omgevallen bomen, prikkeldraadversperringen en puin om bij de stellingen van de tegenstander uit te komen en het gevecht aan te gaan.

De Franse marineofficier Georges Hebert, grondlegger van de methode Naturelle wordt in die periode gevraagd het Franse militaire lichamelijke opvoedingsonderwijs te herzien. Herbert was voorstander van het gebruik van Parkour ofwel hindernisbanen en wordt hiermee ook gezien als de grondlegger van de gelijknamige sport en afgeleiden zoals freerunning.


Na de Eerste Wereldoorlog was de algemene opvatting dat loopgravenoorlogen tot het verleden behoorden en kwam de nadruk meer op mobiele oorlogsvoering en operaties in verstedelijkt gebied te liggen. De meeste Europese landen kenden in deze periode nog een actieve dienstplicht, en zetten hindernisbanen in als middel om de fitheid van dienstplichtigen te vergroten of onderhouden. Hierin kende het gebruik van hindernissen vaak twee doelstellingen. Aan de ene kant werden lage hindernissen op tijd genomen om te leren om te gaan met mogelijke hindernissen op het slagveld. Deze vorm is vandaag de dag nog terug te vinden in bijvoorbeeld de moderne vijfkamp, obstacle runs en tough guy winter obstacle race. Maar ook de steeple chase in atletiek heeft een soort gelijke oorsprong als een hindernis parcours op tijd.
Hoge hindernissen of hindernisbanen werden niet op tijd genomen, maar gebruikt om zelfvertrouwen te vergroten. (1)

Via ferrata
Tijdens de Eerste Wereldoorlog werd in de Dolomieten, dat toen nog toebehoorde aan Oostenrijk, hevig gevochten tussen de Oostenrijkse Kaiserjäger en de Italiaanse Alpini.
Genietroepen hakten in dit gebied routes en stelsels van ladders uit de rotsen om troepen, munitie en bevoorrading naar strategische, onherbergzame posities te transporteren. Om soldaten en materieel op een zo veilig mogelijke manier te verplaatsen, werden er staalkabels in de bergwanden vastgemaakt. Daar komt dan ook de naam Via ferrata, wat in het Italiaans: “ijzeren weg” betekent vandaan.


Fysiologische belasting klimmen en klauteren

Onderzoeken waarbij brandweerlieden met uitrusting aan trappen en ladders moesten beklimmen, vonden dat dit een zuurstof verbruik variërend van 28,5 tot 50 ml/kg/min, oftewel 59-70 %VO2max vergde. (2) Andere onderzoeken in het sportklimmen wijzen uit dat de klim zelf 2 tot 7 minuten duurt en dat het zuurstof verbruik ligt rond de 20 tot 25 ml/kg/min. Na het klimmen worden lactaatwaardes van gemiddeld 6,7 mmol/L, dus boven de anaerobe drempel, waargenomen. (3)
Voor het beklimmen van ladders geldt dat hoe meer verticaal de ladder geplaatst is, hoe groter het zuurstof verbruik is. Zo was er een toename van 17,3% in zuurstof verbruik gevonden indien een ladder onder een hoek van 75⁰ naar 90⁰, dus naar verticaal, werd gezet. Ook de snelheid waarmee een ladder beklommen wordt, is van invloed op het energie verbruik. Een verhoging van 9,8 m/min naar 12,8 m/min zorgde voor een toename van 18% zuurstof verbruik. Bij verdere verhoging naar 15,4 m/min werd nog een verdere toename van 10% gevonden. (4)

Prestatie bepalende factoren klimmen en klauteren
Voor het beklimmen van trappen met uitrusting lijkt het aerobe uithoudingsvermogen, kracht en kracht uithoudingsvermogen van de buikspieren, flexibiliteit, omvang van het bovenbeen, symmetrie in de spiermassa van het bovenbeen, spronghoogte en vetpercentage van belang. (5) Voor het klimmen over een hek en muur van 1,8 meter werd een correlatie gevonden met pull up’s, sit up’s en 2400 meter loop. (6) En het maken van langere beklimmingen zoals in de klimsport leggen dan weer meer de nadruk op het anaerobe energiesysteem.
In deel II van deze serie zal verder worden gekeken naar de verplaatsing te voet, in deel III wordt het tillen en dragen, vuur en beweging besproken en in het laatste deel zal graven, vuur en beweging verder worden uitgediept.


Referenties
1. Szabó Z, Ujházy L. Evolution of military obstacle courses and obstacle running in enhancing resilience. Scientific Journal of the Military University of Land Forces. 2025 Mar 31;215(1):103–15. doi:10.5604/01.3001.0055.0128
2. dos Santos ML, Lockie RG, Orr R, Dinyer-McNeely T, Smith D, McDonald S, et al. The Metabolic Demand of Firefighting: A Systematic Review. Physiologia. 2025 Mar 28;5(2):12. doi:10.3390/physiologia5020012
3. Watts PB. Physiology of difficult rock climbing. European Journal of Applied Physiology. 2004. p. 361–72. doi:10.1007/s00421-003-1036-7 PubMed PMID: 14985990.
4. Barron PJ, Burgess K, Cooper K, Steward AD, The effect of pitched and vertical ladder ergometer climbing on cardiorespiratory and psychophysical variables. Applied Ergonomics  2018 (66) 172-176.
5. Ras J, Kengne AP, Smith DL, Soteriades ES, November R V., Leach L. Effects of Cardiovascular Disease Risk Factors, Musculoskeletal Health, and Physical Fitness on Occupational Performance in Firefighters—A Systematic Review and Meta-Analysis. International Journal of Environmental Research and Public Health. MDPI; 2022. doi:10.3390/ijerph191911946 PubMed PMID: 36231242.
6. Lockie RG, Dawes JJ, Balfany K, Gonzales CE, Beitzel MM, Dulla JM, et al. Physical fitness characteristics that relate to work sample test battery performance in law enforcement
recruits. Int J Environ Res Public Health. 2018 Nov 6;15(11). doi:10.3390/ijerph15112477
PubMed PMID: 30404195.


Publicatiedatum: 19 juni 2026