Vrienden van het Korps LO&Sport
 
INTERVIEW MET ROBIN DE RIDDER
Door Paul Lindeboom


De appgroep ‘De Helm van Limburg 2026’ krijgt een opvallende afmelding. “Moet helaas afzeggen. Mijn linker boven arm ligt in puin nadat ik geprobeerd heb een tractor van de weg te duwen. Hoop dat ik ooit nog mag/ kan gaan fietsen.” De later ook in de appgroep geplaatste foto’s als bewijs dat het woord “puin” zeer terecht is gekozen, zorgen ervoor dat ik (met het oog op een interessant revalidatietraject) contact opneem met Robin. “Voel me niet ziek maar ben volgens de chirurg wel ziek. Dit werkt heel erg in mijn kop. Van 2,5 uur sporten per dag naar verplicht 0 uur is nog al een dingetje zoals geen ander kan begrijpen. Ik pak hem ook aan als fysiek en mentaal doel om terug te keren als fervent sporter en actief militair.”
Zijn humor blijkt gelukkig niet aangetast, getuige het “We mogen weer rammen. Oooooh, nee toch niet . Yep, ROBINOCOP.” Bij het toezenden van een van de bovenstaande foto’s na het aanmeten van een brace.


Loopbaan bij LO&Sport en daarna
Mijn basis ligt in het operationele domein van de mariniers en commando’s, waar discipline, fysieke weerbaarheid en functioneren onder druk centraal staan.
Na die periode heb ik bewust gekozen voor LO&Sport, waar ik ongeveer vijf jaar heb gewerkt als militair sportinstructeur, mede om meer rust en balans voor thuis te creëren. In die periode heb ik mij verder ontwikkeld in het begeleiden van anderen — fysiek, mentaal en in teamverband — en mij ook gespecialiseerd als MZV-instructeur en Cordelet Rouge in België. Mijn energie haal ik daarbij niet alleen uit presteren, maar juist ook uit het werken met mensen en het sterker maken van een groep.

Vervolgens ben ik weer teruggekeerd naar het operationele domein binnen Defensie en uitgekomen bij de Defensie Paraschool (DPS). Daar werk ik als adjudant veiligheid, parachute-instructeur en examinator en leiden wij militairen op — waaronder SOF operators — in een omgeving waar veiligheid en precisie essentieel zijn. Vertrouwen, samenwerking en elkaar beter maken onder druk staan daarbij centraal.

Tegelijkertijd ben ik me er ook van bewust dat dit leven impact heeft op de mensen om mij heen. Mijn dierbaren ervaren de keerzijde van het militaire bestaan — en nu ook de gevolgen van mijn ongeval. Dat maakt dat ik niet alleen gedreven ben, maar ook zorgzaam en empathisch in hoe ik in het leven sta. Ik weet ook uit eigen ervaring wat het is om zware periodes te kennen, zowel fysiek, mentaal als sociaal.

Daarnaast was ik actief als tandemmaster en examinator, zowel militair als civiel. Roosendaal vormt daarin een belangrijke basis voor mijn werk en ontwikkeling.

De toenmalige VTO 2 o.l.v. cursusleider Rik van Trigt en docent Jon Tak,


René van Berlo stelde in de appgroep: “Wat een ellende, ik ken je niet anders dan op een fiets of aan een parachute”.

Die opmerking klopt eigenlijk wel.
Ik ben iemand met veel energie, die leeft vanuit intensiteit en focus, maar ook vanuit verbinding met anderen. Op de fiets zoek ik het fysieke, mentale en sociale op — lange ritten, gravelen, afzien, maar ook rust en overzicht. Ik krijg energie van die uitdaging, het verleggen van grenzen en het continu blijven bewegen.

Tandem parachutespringen is voor mij de andere kant van diezelfde drive: maximale focus, techniek en verantwoordelijkheid. Daar is geen ruimte voor afleiding — alles draait om controle en het moment. Tegelijk haal ik daar ook veel voldoening uit het begeleiden van anderen: mensen de ervaring geven om uit een vliegtuig te springen vanaf 3 kilometer hoogte. Dat moment delen met iemand is uniek. Mijn familie heb ik ook allemaal mogen meenemen in deze ervaring.

Tandemparachutespringen is voor mij veel meer dan iemand meenemen uit een vliegtuig — het is iemand begeleiden in een van de meest bijzondere momenten van zijn of haar leven. Alles begint met de briefing: rustig, duidelijk en met aandacht. Ik neem de tijd om vertrouwen te creëren, spanning weg te nemen en iemand stap voor stap mee te nemen in wat er gaat gebeuren.

Vanaf het moment dat we richting het vliegtuig gaan, ben ik er continu. Niet alleen technisch, maar vooral als rustpunt. Tijdens de sprong zelf komt alles samen: de spanning, de vrijheid en uiteindelijk de verwondering. Wat begint als iets groots en misschien spannend, verandert vaak in pure beleving en genieten.
Onder de geopende parachute ontstaat er rust. Tijd om rond te kijken, adem te halen en het moment echt te ervaren. De wereld lijkt even stil te staan. Mijn rol is om iemand daar veilig doorheen te begeleiden — van eerste twijfel tot een glimlach bij de landing. Dat maakt elke sprong uniek en waardevol.
Tegelijkertijd blijft het een high speed sport. Als er iets gebeurt, gaat het snel en moeten er direct beslissingen worden genomen. Een passagier kan onvoorspelbaar reageren, zeker onder spanning. Juist daarom zijn rust, ervaring en controle essentieel.

Die combinatie van verantwoordelijkheid en vertrouwen maakt het vak bijzonder. Met de juiste procedures en begeleiding is het risico beheersbaar — in veel gevallen zelfs beter dan in het dagelijks verkeer, zoals fietsen.


Als iemand zegt dat hij mij alleen kent op een fiets of onder een parachute, dan betekent dit dat ik mijn energie daar volledig in kwijt kan. Maar wat minder zichtbaar is, is dat ik juist ook veel waarde hecht aan de mensen om mij heen. Mijn kracht zit niet alleen in presteren, maar ook in betrokkenheid, zorg en het samen beleven van die momenten.
Juist daarom valt het nu extra zwaar dat ik dit door het ongeval "onzekerheid" ervaar of ik het niet meer kan doen.

Het is geen hobby, maar een manier van leven.

  • Roubaix 1
  • Roubaix
  • tandem O2
  • Tandem OPS

Fietsongeval en impact
Tijdens een woon-werkverkeer rit ben ik aangereden door een tractor met landbouwmaterieel dat zonder markering zijwaarts uitstak. Een situatie waarin ik als fietser geen kans had om op te anticiperen.

De gevolgen zijn fors: een complexe humerusfractuur, spier- en zenuwschade (nervus radialis) en inmiddels twee operaties verder. Ik zit midden in een langdurig en onzeker revalidatietraject, waarbij mijn arm nog beperkt functioneert. (In eerder contact meldde Robin: “De zenuw radialis is samen met de biceps, tricep en de bovenarm bot en pezen compleet kapot gescheurd”, red.)

De omslag van een fysiek actief leven — militair — naar stilstand en afhankelijkheid heeft niet alleen fysieke, maar ook mentale impact. Maar het raakt niet alleen mij. Ook mijn dierbaren voelen de gevolgen: de afhankelijkheid, de frustraties en de verandering in mijn rol als partner en vader.

Juist als energiek en actief persoon merk ik hoe groot die verandering is. Twee werelden komen hier samen: het militaire leven dat al veel vraagt, en nu het herstel na een ongeval dat daar nog eens extra druk op legt. Ik weet wat het is om door zware periodes heen te gaan, maar dit vraagt een andere vorm van geduld en acceptatie.
Ik werk stap voor stap aan herstel, maar dit is een traject dat tijd vraagt — en veel van mij en dierbaren vraagt.

Het medische traject na het ongeval
Vanaf het moment dat ik het ziekenhuis werd binnengereden, was duidelijk dat het ernstig was. Onderzoeken op de Spoedeisende Hulp lieten een zware breuk in mijn bovenarm zien, met daarnaast ernstig zenuwletsel.
De eerste operatie duurde vier uur. Tijdens deze ingreep is mijn arm gezet en gefixeerd met platen en schroeven. Omdat er sprake was van een volledige ruptuur van de nervus radialis, werd ook een plastisch chirurg betrokken om de zenuw te beoordelen en te behandelen.
De periode daarna was confronterend: mijn arm zat vast in gips, de pijn was continu aanwezig en mijn hand functioneerde nauwelijks meer. Eenvoudige handelingen werden ineens onmogelijk.
Toen de eerste fixatie het begaf en de platen loskwamen, was een tweede operatie noodzakelijk. Opnieuw volgde een ingreep onder narcose, met opnieuw onzekerheid over het verdere herstel.
Sindsdien zit ik midden in een intensief en langdurig revalidatietraject. Er wordt gewerkt aan herstel van kracht, mobiliteit en zenuwfunctie, maar dat proces kost tijd en de uitkomst is nog altijd onzeker.

Revalidatietraject en vooruitblik
Mijn revalidatietraject is direct na de operaties gestart en begon met volledige rust en bescherming van mijn arm. In die eerste fase draaide alles om herstel na de ingrepen: immobilisatie, pijnmanagement en het voorkomen van verdere schade (infectie). Tegelijkertijd drong langzaam door hoe groot de impact van het letsel echt was.
Daarna is de revalidatie stap voor stap opgebouwd. Onder begeleiding van specialisten werk ik aan het terugkrijgen van mobiliteit in mijn schouder en arm, en aan het activeren van spieren die door de zenuwschade zijn uitgevallen. Dat is een langzaam en soms frustrerend proces, waarin kleine vooruitgangen het verschil maken.

Op dit moment zit ik in een fase waarin functioneel herstel centraal staat. Ik werk aan hele lichte krachtopbouw en het herwinnen van controle over mijn arm en hand, maar het niveau van vóór het ongeval is nog ver weg. De betrokkenheid van het Militair Revalidatie Centrum (MRC) markeert een volgende stap in het traject, met een intensievere en meer specialistische aanpak van mijn herstel.
Wat er nog voor me ligt, is een langdurig en intensief proces. De verwachting is dat ik de komende 12 tot 18 maanden bezig ben met revalidatie. Daarbij wordt gekeken naar herstel van kracht, coördinatie en zenuwfunctie, maar ook naar hoe ik omga met blijvende beperkingen als volledig herstel uitblijft.


Publicatiedatum: 15 april 2026